Waar moet je op letten bij een aankoop

Wil je de scherpste foto’s maken, dan is in veel gevallen een statief onontbeerlijk. Shoot vertelt waar je op moet letten bij het kiezen van een statief.
Je gebruikt een statief met name wanneer je met te lange sluitertijden moet werken om uit de hand te fotograferen. Vanaf welk punt de sluitertijd te lang is, hangt in de eerste plaats af van de brandpuntsafstand van je objectief.

Sluitertijd-vuistregel
Als vuistregel geldt dat de sluitertijd niet langer mag zijn dan de inverse van de brandpuntsafstand. Werk je met een brandpunstafstand van 60 mm, dan moet de sluitertijd dus 1/60 of sneller zijn. Met een 500mm-lens zou je een sluitertijd van 1/500 of sneller moeten gebruiken.
Hou er rekening mee dat de vermelde regel gebaseerd is op de brandpuntsafstand in full-frame formaat; op digitale reflexcamera’s met een kleinere beeldsensor moet je de brandpuntsafstand vermenigvuldigen met de ‘cropfactor’ van de sensor. Geeft de sensor een cropfactor van 1,6x, dan moet je een 300mm-objectief beschouwen alsof het een 480mm-objectief was – en wordt de aangeraden sluitertijd dus 1/500.
Een tweede reden om een statief te gebruiken is om je camera te ondersteunen. Een 300 mm tele-objectief uit het voorbeeld hierboven brengt al gauw drie kilo op de weegschaal. Je moet een beetje masochistisch aangelegd zijn om met zo’n monster uit de hand te willen werken. Voor je eigen comfort is het gewoon handiger als je het objectief op een statief kunt laten rusten.
Een goed statief gaat jarenlang mee. Koop niet overhaast, maar ga eerst goed na wat je precies wil doen, wat je daarvoor nodig hebt, en vooral hoeveel je wil uitgeven. Je kan naar onze mening beter wat meer uitgeven voor een goed statief dan een goedkoop statief aanschaffen waarover je na een jaar ontevreden bent.

Beeldstabilisatie
Bevat je camerabody of objectief een ingebouwde beeldstabilisator (ook image stabilisation of vibration reduction genoemd), dan kan je van de sluitertijd-vuistregel afwijken. Beeldstabilisatie zorgt ervoor dat de beweging van de camera tijdens het fotograferen gecompenseerd wordt, zodat je langere sluitertijden kunt gebruiken. Hoeveel langer, hangt van de kwaliteit van de beeldstabilisator en de omstandigheden af, maar in de praktijk win je één tot drie stops en kan je dus sluitertijden gebruiken die twee- tot achtmaal langer zijn dan volgens de vuistregel.

Waarop letten?
Er zijn honderden statieven op de markt. De belangrijkste verschillen zijn samen te vatten in vijf kenmerken.

1. Maximale belasting
Een statief kan maar een bepaalde last dragen. Neem het gewicht van je camera (met batterijen en eventueel batterijgrip) en tel er het gewicht van je zwaarste objectief bij. Dat is de last die het statief minimaal moet kunnen dragen.

2. Eigen gewicht
Er zijn statieven die minder dan een kilo wegen, en kleppers van bijna tien kilo. Hoe zwaarder het statief zelf is, hoe stabieler het zal zijn.
Als je het statief niet vaak wil verplaatsen, is het gewicht minder belangrijk. Maar ben je van plan om te gaan trekken, dan telt elke kilo. Statieven uit hightech materialen zoals carbon (koolstofvezel) of basaltdraad zijn licht én stevig, maar ook een stuk duurder.

3. Poten
De poten van een statief bestaan uit verschillende uitschuifbare segmenten, meestal drie, vier of vijf. Hoe meer segmenten, hoe compacter het statief is als je de poten helemaal inschuift; maar doordat de onderste segmenten steeds dunner worden, zijn statieven met meer segmenten iets minder stabiel.
Op sommige statieven kan je de hoek tussen de poten en de middenzuil aanpassen. Dat is handig als je het statief dicht tegen de grond wil kunnen plaatsen. Voor binnenhuis zijn rubberen poten aanbevolen; in de natuur zijn poten met pinnen handiger.

4. Middenzuil
De meeste statieven bevatten een middenzuil die in de hoogte verstelbaar is. Zo kan je de hoogte van de camera aanpassen zonder dat je iets aan de poten moet wijzigen. Schuif de middenzuil zo min mogelijk uit: je verhoogt daardoor het zwaartepunt, waardoor het statief minder stabiel staat.
Er zijn twee systemen: een zwengel en een kliksysteem. Een zwengel is nauwkeuriger, maar maakt het statief zwaarder. Soms kan de middenzuil omgedraaid worden; de camera hangt dan tussen de poten van het statief. Op sommige statieven kan de middenzuil horizontaal geplaatst worden, wat handig is voor macrofotografie.
Op een pankop (links) kan je elke richting afzonderlijk instellen. Een balkop (rechts) beweegt in alle richtingen.

5. Statiefkop
Bij een statief hoort een statiefkop. De kop schroef je op het statief, de camera past op de kop. Je kan de statiefkop in drie richtingen draaien: horizontaal (pan), verticaal (tilt) en schuin.
Op een pankop kan je elk van deze drie bewegingen afzonderlijk instellen. Wil je de kop bijvoorbeeld horizontaal laten draaien om een reeks opnames voor een panorama te maken, dan blijven de andere dimensies ongewijzigd.
Een ander systeem is het balhoofd. Wanneer je dit loszet, kan de camera in elke richting draaien. Staat de camera goed, dan schroef je het balhoofd weer vast. Met een balhoofd kan je de positie van de camera veel sneller aanpassen, maar het is moeilijk om één dimensie te veranderen.
Vaak hebben statiefkoppen een snelkliksysteem (quick release). Dat is een metalen plaatje dat je aan de camera (of het objectief) vastschroeft. Je klikt het plaatje vast op de statiefkop, en klikt het weer los als je klaar bent met fotograferen. Heb je meerdere camera’s, dan kan je voor elk toestel een plaatje aanschaffen. Zo kan je snel van camera wisselen.
Lees ook het artikel over soorten statieven. Hieronder vind je een checklist voor aankoop van een statief en een lijstje met de belangrijkste fabrikanten en hun websites.

Checklist
Voor je tot een aankoop overgaat, antwoord je op de volgende vijf vragen. Zo zal je vakhandelaar je best advies kunnen geven over welk statief en welke kop je nodig hebt. Kijk ook eens op de systeemconfigurator op de website van Manfrotto, die je op basis van het beoogde gebruik naar een bepaald type statief kan sturen.
Wat is mijn budget? ____________ euro
Welk gewicht moet erop? _____________kg
Hoe hoog moet het statief komen? _____________cm
Hoeveel mag het statief wegen? _____________kg
Wil ik een gewone statiefkop of een balkop? _______________


Bron: Shoot